Hoor jij de eerste klank?
Een volwassene leest de woorden rustig voor. Omcirkel het woord dat met dezelfde klank begint.
Samen doen: laat een volwassene de opdracht voorlezen.
maan: muis / vis
sok: boom / soep
vis: vos / kat
boom: bal / zon
kat: kaas / roos
roos: raam / maan